|

Onder de vooraanstaande kunstenaars die we in de film tegenkomen zijn: Julian Schnabel:
het succesverhaal van de huidige kunstwereld. Schnabel laat zien hoe "Warholism" werkt:
de samensmelting van de popwereld met die van de mode en het entertainment.
Jeff Koons, een fenomeen. Hij heeft er alles voor over om in de telangstelling te
blijveü. Heeft zijn werk betekenis of is het geweon rotzooi?
Robert Yarber, een opkomende ster in de Sonnabend-stal, die horror-elementen in zijn werk
gebruikt en de grenzen aftast tussen kunst en kitsch.
Vijftien jaar geleden schilderde Jack Whitten in een stijl die nu toevalligerwijs Gerhard
Richter veel succes brengt. Whitten is zwart en een outsider in de New Yorkse
kunstwereld. Hij heeft nooit de juiste mensen gevonden om zichzelf en zijn werk te
promoten. Hij zegt dat het hem niet kan schelen.
Is schilderkunst handel geworden of is de "link" tussen geld en kunst ouder dan we
denken?
Het mecenaat heeft de kunst altijd ondersteund, maar de huidige rijkdom van sommige
kunstenaars, de gigantische bedragen die er omgaan in de kunsthandel, zijn uniek in de
geschiedenis. Christian Leigh en Donaid Kuspit, allebei invloedrijke personages in de
kunstwereld, laten ons zien hoe het systeem werkt en hoe het de schepping van kunstwerken
mogelijk maakt die hun plaats waardig zijn in de annalen van de kunstgeschiedenis. De
film Het Kunstcircus laat zien hoe deze micro-cosmos in elkaar zit, en welke de krachten
zijn, die van kunstenaars sterren maken, of terugwerpen in de eeuwige vergetelheid.
Zijn eerste verantwoordelijkheid ligt bij de kwaliteit
van zijn werk en niet bij
de "markt", zoals dat bij sommige van zijn collega's wel het geval is. The
Guerrilla Girls, zij noemen zichzelf: "Het Geweten van de Kunstwereld", en
bekritiseren "The hip-o-crits" van Soho.
|